WIJN (VER)WOORDEN

 

Elk vakgebied kent zo zijn eigen woordgebruik en de wondere wijnwereld is zeker geen uitzondering op deze regel. In deze serie belichten we steeds een aantal wijntermen met als doel die termen wat te verduidelijken en desgewenst je wijnvocabulaire mee uit te breiden. Kom je zelf wijnwoorden / -termen tegen waar je graag tekst en uitleg bij zou willen hebben, stuur ze dan vooral in via e-mail of Facebook!

 

Complex
Een complexe wijn is een wijn waarin veel te ruiken en te proeven valt. Dit is niet per se een wijn met een heel sterke / intense geur, maar juist een wijn met veel nuances in geur en smaak.  Er valt veel in te ontdekken.

 

Aards
Een aardse geur doet denken aan de geur van o.a. paddenstoelen en het bos, eventueel na een regenbui.

 

Muselet
Dit is de kleine constructie van ijzerdraad die je vaak aantreft om de hals en kurk van een fles mousserende wijn. Dit ijzerdraad dient om de kurk op zijn plek te houden. 

 

Flute

Een glas speciaal bestemd voor mousserende wijn, meestal lang en smal van vorm, soms wat meer kelkvormig.  Een flute heeft deze vorm om de bubbels zo langzaam mogelijk uit de wijn te laten ontsnappen.

 

Body

Je zegt dat een wijn veel body heeft als deze een vol gevoel in de mond geeft, als deze dik of zwaar aanvoelt. Een wijn met weinig body voelt juist licht en delicaat in de mond. Er ergens tussenin, medium, kan natuurlijk ook voorkomen.

 

Animaal

Een wijn met animale tonen doet denken aan de geur van stal, boerenerf met dieren en/of paardenzweet. Dit kom je bijvoorbeeld wel eens tegen bij oudere rode Bourgognes.

 

Mousse

De koolzuurbubbels in een mousserende wijn. Een fijne mousse betekent dat de wijn veel kleine belletjes heeft, een grove mousse is de term voor grote bubbels in de wijn. Doorgaans geldt dat hoe fijner de mousse is, hoe beter de kwaliteit van de mousserende wijn. 

 

Droog 

Niet zoet.

 

Filmend 

Een wijn is filmend als deze in je mond zacht en vol aanvoelt en een beetje het idee geeft een laagje achter te laten. Concreet voorbeeld: het gevoel dat een hapje honing of een roomsaus in je mond geeft. 

 

Spittoon 

Spuugbak op wijnproeverijen, doorgaans voorzien van een trechtervormig deksel met gat om opspatten van de inhoud van de bak te voorkomen.

 

Walsen 

Het door het glas laten rondgolven van de wijn. Dit doet men om de wijn meer in contact te laten komen met zuurstof, zodat de in de wijn aanwezige aroma’s beter te ruiken en te proeven worden.

 

Sabreren 

Een fles mousserende wijn, doorgaans champagne, openen met een speciaal zwaard. De sabreur houdt de fles met diens ene hand onderaan vast met de kurk van zich af. Met de andere hand slaat hij/zij met het zwaard langs de hals tegen de onderkant van de uitstaande rand bij de opening. Door de combinatie van deze slag en de druk in de fles breekt de rand met kurk en al af en vliegt van de fles. Gevalletje don’t try this at home.

 

Chambreren 

De (doorgaans rode) wijn op kamertemperatuur laten komen. In opwarmende, niet in koelende zin. 

 

Kamertemperatuur 

16 – 18 graden, de temperatuur die huiskamers vroeger hadden. Dus niet de huidige 20(+) graden

 

Reductie 

Een wijn met reductieve aroma’s ruikt en smaakt bedompt. De geur kan doen denken aan riool of rot ei. Deze aroma’s kunnen ontstaan als de wijn te weinig contact met zuurstof heeft gehad tijdens de productie (in tanks of vaten). Deze aroma’s kunnen soms verdwijnen door de wijn alsnog in contact te brengen met zuurstof door deze te karafferen of eenvoudigweg een paar keer over te schenken van het ene in het andere glas.

 

Sommelier 

Een sommelier is de wijnkelner van een restaurant. Deze persoon heeft zich gespecialiseerd in wijn en wijn-spijs combinaties. De sommelier is vaak ook degene die de wijnkelder / -voorraad van het restaurant beheert en verantwoordelijk is voor de wijninkoop.

 

Barrique 

Franse benaming voor een eikenhouten wijnvat met een inhoud van 225 liter (de Spaanse term is barrica).

 

Tannine 

Een stof die voornamelijk voorkomt in rode wijn en die de wijn beschermt tegen oxidatie, waardoor hij langer houdbaar is. Tannine in wijn herken je aan een drogend, stroef, ruwmakend gevoel in je mond na een slok. Meer over tannines lezen? Klik hier

 

Floraal 

Een wijn met florale aroma’s doet (een beetje) denken aan de geur van bloemen. 

 

Afdronk

Wat je van de wijn nog proeft nadat je deze hebt doorgeslikt. Bij het beoordelen van een wijn speelt de lengte van de afdronk een rol: blijft de smaak nog lang hangen, of is deze meteen weg? Proef je een of meerdere aroma’s nog? Of blijft er bijvoorbeeld alleen wat bitter hangen?

 

Decanteren / karafferen 

Het overgieten van een fles wijn in een karaf. Karafferen doe je met een jonge en/of gesloten wijn. Het doel hiervan is de wijn in contact te laten komen met zuurstof, zodat de aroma’s in de wijn meer loskomen. Decanteren doe je met gerijpte wijnen en vintage ports. Het doel is hierbij om de wijn te scheiden van het bezinksel in de fles, terwijl de wijn juist niet teveel contact met zuurstof moet krijgen. Meer over weten? Lees dan dit artikel

 

Stuivend

De geur van een wijn wordt stuivend genoemd wanneer deze zeer intens is en direct waarneembaar is als je je neus in het glas steekt of, beter gezegd, zodra je je neus erboven houdt al. De wijn stuift je letterlijk tegemoet. Een sprekend voorbeeld hiervan zijn veel Nieuw-Zeelandse Sauvignon blancs. 

 

Magnum

Een grote wijnfles met een inhoud van 1,5 liter, oftewel 2 standaardflessen. Meer weten over flesformaten? Lees dan dit artikel 

 

Gesloten

We noemen een wijn gesloten wanneer deze zijn aroma’s bijna niet prijsgeeft (alhoewel je technisch bezien natuurlijk ook gewoon een ongeopende fles wijn zou kunnen bedoelen). Dit kan bijvoorbeeld komen doordat de wijn nog (te) jong of te koud is. De beste oplossing bij een te jonge wijn is om deze te laten ouderen, maar paradoxaal genoeg merk je doorgaans pas dat de wijn gesloten is op moment dat je hem geopend hebt. Opwarming en blootstelling aan zuurstof (door walsen in het glas of door te karafferen) kunnen helpen om een wijn wat meer aroma’s te laten tonen. 

 

Natuurwijn / Vin naturel

Een wijn die ‘zo natuurlijk mogelijk’ gemaakt is: met zo min mogelijk ingrepen en toevoegingen.

 

Vinoloog

Iemand die een erkende opleiding tot vinoloog heeft gevolgd (bijvoorbeeld bij de Wijnacademie, niveau SDEN4) en de bijbehorende examens met succes heeft afgerond. Een vinoloog heeft een uitgebreide en diepgaande kennis van o.a. wijnlanden, druivenrassen, wijnwetgeving, wijntypen en invloeden van bodemsoorten, klimaten en vinificatie. Daarnaast is een vinoloog getraind in het (blind) proeven, duiden en beoordelen van wijnen.

 

Wild ferment(ed) / Wilde gisten

Een wijn gemaakt met ‘wilde gisten’ wordt gemaakt door de druiven (deels) te laten vergisten met gisten die op de schillen van de druiven en in de lucht aanwezig zijn. Omdat je hierbij niet exact weet welke gisten er aan het werk zijn, is het verloop van deze gisting vrij onvoorspelbaar. Ook kunnen deze wilde gisten soms verrassende aroma’s produceren (zowel in positieve als negatieve zin).

Dit in tegenstelling tot het vaak voorkomende gebruik van gecultiveerde (speciaal ontwikkelde) gistcellen, waarbij het verloop van de gisting en de daaruit resulterende aroma’s veel voorspelbaarder zijn.